Chronologie

Langs de westkust van Zuid-Amerika woonden verschillende volkeren voordat er van een Inca-beschaving sprake was. Elk volk had zijn eigen taal, grondgebied, leefwijze… Je kan dus stellen dat Peru verdeeld was in een groot aantal kleine ‘staten’.

De voorouders van de Inca’s leefden in kleine stamverbanden in de streek rond Cuzco. De Incastam was er één van de vele plaatselijke groepjes die in familieverband samenwoonden.

Er ontbreken stukken kennis van de chronologie en ontwikkeling van de streek rond Cuzco.

Er is wel vastgesteld dat de Inca’s beïnvloed werden door de Huari of Wari-cultuur. Zo namen de Inca’s het gebruik van ayllu’s, mita-plicht en de quipu van hen over.

De vroege Incaperiode (1200 – 1438) 

De vroege Incaperiode viel tussen 1200 en 1438. Hier bestaan echter slechts hoogst onbetrouwbare historische gegevens van.

Vanaf 1200 werd de eerste Inca-dynastie onder leiding van de legendarische leider  Manco Capac gesticht .

De Inca’s waren op zoek naar vruchtbare gronden. Deze vonden ze in de vallei van Cuzco waar ze zich stapsgewijs zijn gaan vestigen.

Bij hun aankomst in Cuzco ondervonden ze wel nog tegenstand maar ze slaagden er in om  het gebied te veroveren en in bezit te houden. Men denkt wel dat Manco Capac alleen geregeerd heeft over de bewoners van het gebied rond Cuzco, net zoals zijn opvolgers Sinchi Roca, Lloqui Yupanqui en Mayta Capac. De volgende drie Inca-opperhoofden veroverden kleine stukken van het omliggende gebied.

Opvallend aan deze periode was dat noch de Inca noch hun buren vaste plannen maakten voor eventuele veroveringen. Men ging gewoon in bepaalde tijden op rooftocht naar dorpen.

In deze periode vonden ook nog enkele kritische gebeurtenissen plaats. De Inca’s werden langs drie kanten buiten de streek rond Cuzco bedreigd. In het zuiden waren de stammen van de Colla en de Lupaca gevaarlijke vijanden. In het westen en noordwesten waren dit de Quechua en de Chanca. Gelukkig hadden de Inca’s een vriendschappelijke relatie met de Quechua die een buffer vormden tussen de Inca’s en de dreiging van de Chanca. De Chanca werden steeds machtiger en hadden heel wat grondgebied van de Quechua veroverd. Via deze weg wilden zij de Inca’s aanvallen.

Om sterker te staan, huwde de Sapa Inca met de dochter van het opperhoofd van Anta (vlak ten noordwesten van Cuzco) en ze sloten een verbond met Quechua.

Uiteindelijk streden de Inca’s tegen de Chanca’s. Dankzij de legerleiders en Inca-edelen wonnen zij deze strijd. Na deze strijd werden de Inca’s de definitieve heersers van de hooglanden.

Detailkaart met de voornaamste steden van het rijk.

De late Inca- of keizerrijkperiode (1438-1532) 

Kaart uitbreiding rijk.

De late Inca- of keizerrijkperiode begon in 1438 en eindigde met de verovering door de Spanjaarden in 1532. De historische gegevens over deze periode zijn veel betrouwbaarder dan die van de vroege Incaperiode.

Pachacuti Inca (de negende leider) zette de veroveringen verder en maakte nieuwe bondgenoten. Zij werden wel onderdanen maar mochten deelnemen aan de nieuwe opbouw van Cuzco. Daardoor mochten ook zij zichzelf ‘Inca’ noemen.

Vervolgens ging hij verder om nieuwe provincies aan zijn rijk toe te voegen. Hij leidde een veldtocht naar de Urubamba provincies en naar de zuidelijke provincies tot aan het Titicameer. Na deze veroveringen moest er dringend een bestuursapparaat opgebouwd worden. Hierdoor bleef Pachacuti in Cuzco en liet hij de veroveringen over aan zijn broer Capac Yupanqui, die de opdracht kreeg om in noordelijke richting nog enkele gebieden te veroveren tot aan Huanuco.

Tijdens deze veldtocht ontstonden er weer verwikkelingen met de Chanca-afdeling die bij het leger van de Inca’s hoorden. Zij deserteerden bij Huanuco.

De Inca’s probeerden hen nog te achtervolgen maar raakten hen kwijt. Vervolgens vielen de Inca’s Cajamarca binnen en veroverden dit gebied. Cajamarca was het machtigste gebied in de noordelijke hooglanden en had een verbond met de Chimu, een sterk en goed georganiseerd volk aan de kust. De Chimu vormden tot nu toe de enige echte bedreiging voor de Inca’s in die richting. Op dat moment waren de Inca’s echter nog niet klaar om deze beschaving aan te vallen.

In de tussentijd hebben de Inca’s nog een opstand in de vallei van het Titicameer moeten onderdrukken. Vervolgens trokken de Inca’s terug naar het noorden en voltooiden daar de veldtocht door de noordelijke hooglanden tot aan Quito. Deze veldtocht werd geleid door Topa Inca, de zoon van Pachacuti Inca.

De Inca’s werden steeds sterker en waren klaar om de Chimu aan te vallen. Ze vielen hen aan langs de zijde waar zij het minst voorbereid waren. Zo slaagden zij er in om het hele noordelijke en centrale kustgebied tot aan de vallei van Lurin te onderwerpen.

Het rijk werd langzaam maar zeker groter en sterker.

Topa Inca trok Bolivia en Chili binnen, en drong door tot de rivier de Maule die voorgoed de zuidgrens van het rijk bleef. Na de voltooiing van deze expeditie concentreerden de Inca’s zich op het organiseren van het rijk, waarbij alle nieuwe volkeren en gebieden nu onder één bestuur werden verenigd. Er wordt gedacht dat de Inca enkele ideeën i.v.m. het bestuur van de Chimu hebben overgenomen.

Na het overlijden van Topa Inca, kwam zijn zoon Huayna Capac aan de macht. Hij moest weer enkele opstanden onderdrukken en voegde nog enkele gebieden aan het rijk toe. Tot slot liet hij grenspalen neerzetten langs de rivier de Ancasmayo.

 Ondergang van het rijk 

Er hebben verschillende factoren meegespeeld bij de ondergang van het rijk. Er heerste al een pokkenepidemie en er was een burgeroorlog uitgebroken binnen het rijk.

 Burgeroorlog

Bij het overlijden van Huayna Capac in 1525 ontstond er ruzie tussen zijn zoon Huascar en zijn bastaardzoon Atahualpa. Ze wilden beiden tot Sapa Inca gekroond worden. Normaal gesproken zou Huascar gekroond worden maar Atahualpa weigerde aanwezig te zijn op deze ceremonie. Hierdoor beschouwde Huascar hem als een verrader en een gevaarlijke bedreiging. Huascar verzamelde troepen en verklaarde zijn broer de oorlog. Atahualpa verzamelde op zijn beurt troepen en stuurde hen richting Cuzco.

Atahualpa’s leger vermoordde iedereen die zij op hun weg tegenkwamen; kinderen, aanhangers van Huascar…

 De Spaanse conquistadores

In 1524 besliste de Spaanse ontdekkingsreizeiger en conquistador Francisco Pizarro te vertrekken uit Panama waar hij ontdekkingen deed voor de rekening van de Spaanse kroon. Hij had gehoord van een zeer rijk en machtig gebied; Peru.

Pizzaro had ondertussen reeds kennisgemaakt met een Inca-stad die bij de grens van Ecuador gelegen was. Daar zag hij hoe rijk deze stam was en hij werd hartelijk ontvangen.

Vervolgens keerde hij terug naar Panama om verslag uit te brengen. Pizarro kreeg de officiële goedkeuring van de Spaanse kroon voor een nieuwe expeditie.

Francisco Pizzaro

Vanuit Panama vertrok Pizarro met schepen. In september 1532 trok hij naar het binnenland. Atahualpa, die in de stad Cajamarca aanwezig was, besefte de dreiging van de Spanjaarden. Hij stuurde hen verzoenende boodschappen en geschenken.

Op 15 november 1532 stak Pizarro de gevaarlijke bergpas over en kwam dreigend dicht bij de Inca’s.

Atahualpa had laten weten dat hij hen de volgende dag wilde ontmoeten.

Pizarro bedacht onmiddellijk een plan voor de volgende dag; hij zou samen met een monnik en enkele mannen Atahualpa tegemoet komen. De rest van de bemanning zou zich verstoppen in omringende gebouwen en wachten om aan te vallen.

Atahualpa wist niet goed wat hij moest denken. Enerzijds dacht hij aan de voorspelling van zijn vader over Spanjaarden die zouden binnenvallen en de Inca’s zouden vernietigen. Anderzijds dacht hij aan de legendarische belofte over de terugkeer van Viracocha, de god met de blanke huid die het universum geschapen had.

Gevangenneming Atahualpa en het einde van het Inca-rijk

Op 16 november 1532 trok Atahualpa met zijn leger dat 6000 man telde, van zijn kamp naar Cajamarca. Pizarrro richtte zich vriendelijk tot Atahualpa. De monnik die Pizarro vergezelde, gooide een bijbel richting Atahualpa en verzocht hem om zich te bekeren tot het christelijke geloof.

Verontwaardigd gooide Atahualpa deze op de grond. Daarna viel het leger van Pizarro de Inca’s aan. Ongeveer 2000 Inca’s werden tijdens deze strijd gedood. Atahualpa werd gevangengenomen.

Strijd tussen de Inca’s en de Spanjaarden.

Pizarro eiste een heel hoge losprijs die de Inca’s niet konden betalen. Ze verzamelden al het goud en andere kostbare voorwerpen (in totaal 6000 kg goud en bijna 12.000 kg zilver!).

Atahualpa hoopte om vrijgekocht te worden maar werd uiteindelijk toch geëxecuteerd door wurging.

Executie Atahualpa.

Na de dood van Atahualpa werden nog andere Inca’s met de titel ‘Sapa Inca’ op de troon gezet om het volk onder controle te houden. Zij dienden eerder als marionetten en moesten de Spanjaarden gehoorzamen. De Spanjaarden hebben heel het rijk leeggeplunderd, heel wat gebouwen van de Inca’s vernietigd (zonnetempels werden vervangen door christelijke kerken) en hun rijk ingepalmd.

Afbeelding slavernij.

Heel wat missionarissen hebben geprobeerd om de Inca’s te bekeren tot het christendom. Verslagen en geplaagd lieten zij zich dopen. Ze werkten als slaven op de akkers en in de goudmijnen. Langzaam maar zeker ging er steeds meer van de Inca-cultuur verloren.

Deze kaart toont aan welke delen van Noord-en Zuid- Amerika rond 1600 in Spaans bezit waren.

Gelukkig leven sommige oude goden en gebruiken nog altijd voort in de hedendaagse Peruaanse cultuur.

Wereldgeschiedenis <=> Incageschiedenis

Bronnen:

KENDALL A., Everyday life of the Inca’s, p. 18- 24

D’ALTROY T.N., The Incas, p. 63-68

KENDALL A., Everyday life of the Inca’s, p. 19-20

Kaart: KENDALL A., Everyday life of the Inca’s, p. 13

KENDALL A., Everday life of the Inca’s, p. 20-23

Kaart: KENDALL A., Everday life of the Inca’s, p. 21

KENDALL A., Everday life of the Inca’s, p. 190- 195

DE KEYSER J., De grote mysteries van de archeologie, p. 94-108

Afbeelding Francisco Pizarro: DE KEYSER J., De grote mysteries van de archeologie, p. 97

Afbeelding strijd: DE KEYSER J., De grote mysteries van de archeologie, p. 104

Afbeelding executie: DE KEYSER J., De grote mysteries van de archeologie, p. 105

Afbeelding slavernij: WOOD T., De Inka’s, p 44

Afbeelding kaart: MALAM J., Sporen uit het verleden: De Inca’s, p. 38

Meer informatie hierover is terug te vinden in het hoofdstuk ‘Hedendaagse Inca’s’.

MALAM J., Sporen uit het verleden: de Inca’s, p. 4

Guaman Poma: Peruviaanse auteur

‘Neuva Cronica y Bien Gobierno’: Peruviaans historisch overzicht over de Inca’s t.e.m. de Spaanse invasie. Poma probeerde hier de aandacht te trekken naar de zware problemen die de Spanjaarden veroorzaakt hebben.